Ongehoorzaamheid

Ongehoorzaamheid

In mijn puberjaren was ik een verschrikking voor mijn leraren. Onhandelbaar in de klas, klieren, vervelend doen, gewoon om dat ik lol wilde. Je mocht in die tijd weinig op school. Er was geen/weinig ruimte voor de noden en problemen van de leerling.

En juist daarom was het heerlijk 'de regels wat op te rekken'. Uiteraard was ik geheel zelf verantwoordelijk voor de mischief die ik uithaalde. Toch denk ik dat een andere benadering van leerlingen in het algemeen beter was geweest. Mijn ongehoorzaamheid was een uiting van onmacht.

Toen ik dus later zelf voor de klas kwam te staan, besloot ik het heel anders te doen. Te inspireren, motiveren, waar nodig en mogelijk, de vrijheid aan kinderen te geven en ze er tegelijkertijd van te overtuigen dat ze niet altijd konden klieren, er daarom regels waren en er ook gewerkt moest worden.

Het betekende een oogje dicht knijpen als Pietje zo maar opeens door de klas heen liep, of Marietje, die moeite had met rekenen, te laten afkijken bij haar buurmeisje. Vooral belangrijk was het regels uit te leggen, zodat kinderen begrepen waarom ze rustig moesten lopen in de gangen en je foute sommen nog eens moest maken. Dat werkte een stuk beter.

Als je volwassen wordt, verandert er eigenlijk niet zo veel. De beste scheidsrechters zijn zij die duidelijke, begrijpelijke regels hanteren en af en toe een oogje dicht knijpen. Zij die alles affluiten, kunnen vanzelf rekenen op rebels gedrag.

Dat geldt ook voor de wetten in ons land. Soms kom je in een tijd terecht waar alles in één keer weer terug lijkt te worden geworpen naar mijn middelbare schooltijd. Een tijd waarin zaken die -net als bij de goede leraar en scheidrechter- eigenlijk al oogluikend werden toegestaan, weer totaal dicht worden gesmeerd.

Een tijd waarin er geen ruimte en begrip is voor de noden en problemen van burgers. Waarin de heersende regels die eerst zo begrijpelijk waren, nu niet meer uit te leggen zijn.

Als dat langere tijd zo is en voortduurt hebben volwassenen eigenlijk nog maar één uitweg. En dat is burgerlijke ongehoorzaamheid.

Door Amnesty International wordt het heel mooi omschreven als: ''Burgerlijke ongehoorzaamheid' is de symbolische, niet-gewelddadige overtreding van de wet als protest tegen onrecht"

Nou leven wij hier niet in een land waarin Amnesty International actief zou moeten zijn. Daarom de link naar een interessant stuk van Mathijs van de Sande, Universitair docent in de politieke filosofie aan de Radboud Universiteit Nijmegen.

Hij omschrijft hoe burgerlijke ongehoorzaamheid zinvol kan zijn voor een democratie. Belangrijk hierbij aan te tekenen is dat Van de Sande dit stuk schreef op 31 december 2018. Dus toen dat nog kon en mocht.

Wat mij betreft precies drie jaar voordat dit stuk actueel zou worden en we ons moeten afvragen of een beetje ongehoorzaamheid niet heel goed zou zijn voor de democratie

https://www.socialevraagstukken.nl/burgerlijke-ongehoorzaamheid-is-belangrijk-voor-democratie